Van kegelen tot bowlen

Waarschijnlijk werd de eerste vorm van bowling gespeeld door de Oude Egyptenaren, al rond 3200 voor Christus. Artikelen gevonden in de tombe van een Oudegyptisch kind spraken van een spel dat bestond uit negen kegels, drie marmeren bogen die fungeerden als ‘baan’, en een stenen ‘bal’ die in de richting van de kegels werd gegooid.

De vorm van bowling die wij echter vandaag de dag kennen komt waarschijnlijk uit het oude Germaanse rijk, waar het spel niet werd gezien als sport, maar als religieus ritueel. Dit ritueel bestond uit een kegel, die een heiden representeerde, en een stenen bal. De stenen bal werd richting de kegel gegooid en wanneer de gooier het voor elkaar kreeg om de kegel om te gooien, was hij van zijn zonden verlost. Deze herkomst heeft er voor gezorgd dat bowlers van vandaag nog steeds wel eens kegelaars worden genoemd.

De bal werd door de jaren heen steeds groter en uiteindelijk veranderde men ook van materiaal. De stenen ballen verdwenen en maakten plaats voor ballen van hout. Het spel werd ook door verschillende mensen op verschillende manieren gespeeld. Sommigen speelden met drie kegels, anderen met negen en sommigen zelfs met zeventien.

Het kegelspel spreidde zich in de vijftiende, zestiende en zeventiende uit naar de Benelux, Oostenrijk en Zwitserland. De kegelbanen bestonden meestal uit sintels of klei en werden vaak bedekt met een vorm van cement dat door de zon werd hardgebakken. Dit veranderde vanaf 1455, toen men in Engeland begon met het overkappen van de kegelbanen en het kegelspel veranderde in een activiteit die onder iedere weersomstandigheid kon worden gespeeld. Vanaf dit moment werden banen gemaakt van hout, gehard klei en later zelfs van asfalt.

De vorm van kegelen die het meest werd gespeeld bestond uit een spel van negen kegels die in de vorm van een diamant werden opgesteld aan het einde van een houten plank. Dit kegelspel begon te veranderen in de bowlingsport hoe wij deze vandaag de dag kennen door een negatieve ontwikkeling in de Verenigde Staten rond de negentiende eeuw: het gokken. Het afsluiten van weddenschappen rondom deze sportwedstrijden liep zo uit de hand dat veel Amerikaanse staten besloten om het kegelspel in zijn geheel af te schaffen. Omdat dit spel in de Verenigde Staten ook wel ‘nine-pins’ werd genoemd, dachten sommigen deze afschaffing te kunnen omzeilen door een extra kegel aan het spel toe te voegen, maar helaas werd het ‘ten-pins’-spel snel daarna ook afgeschaft. In de Verenigde Staten wordt bowling vaak nog steeds ‘ten-pins’ genoemd.

Omdat de sport voor deze tijd nog niet georganiseerd was, bestonden er veel onenigheden over regels van het spel. Dit zorgde voor de oprichting van het ‘American Bowling Congress’ in New York City in het jaar 1895. Vanaf dit moment werden de regels van het spel vastgesteld en werden er eisen gesteld aan het bowlingmateriaal. De bowlingbal veranderde van materiaal en werd nu gemaakt van hard rubber, polyester en urethaan en de machine die in er vanaf ongeveer 1950 voor zorgde dat bowlingkegels automatisch weer rechtgezet werden, maakte het spel nog makkelijker te spelen.